6. Onderwijs en wetenschap

🎧 Luister naar dit hoofdstuk ingesproken door kandidaat Jeanette Chedda

BIJ1 wil gelijke kansen voor alle leerlingen in het onderwijs. Het moet voor de kansen van leerlingen niet uitmaken wat hun huidskleur is, wat hun gender- en/of seksuele identiteit is, of zij een beperking hebben, of wat hun geloof is. Ook het inkomen of de achtergrond van hun ouders mag geen rol spelen. Als je op latere leeftijd een opleiding wilt doen, moet dat mogelijk zijn, ongeacht je eigen inkomen. Verder moet het onderwijs voor leerlingen met een beperking volledig toegankelijk zijn. Dat geldt ook voor het reguliere onderwijs, als leerlingen met een beperking daar naartoe willen.

Om gelijke kansen te creëren voor alle leerlingen willen we niet bezuinigen maar juist investeren. We gaan segregatie van leerlingen en discriminatie actief bestrijden. Door te investeren zorgen we voor kwaliteitsonderwijs en sterke, diverse en democratische onderwijsinstellingen met goede instroming en doorstroming. Leraren en wetenschappers gaan de (financiële) waardering krijgen die zij verdienen.

Kwaliteitsonderwijs dat past betekent onderwijs waarin leerlingen zich kunnen ontplooien en kunnen groeien als mens. Elke soort onderwijs moet kwaliteitsonderwijs bieden, van voorschool tot universiteit. Het lesprogramma moet flexibel zijn, zodat alle leerlingen onderwijs krijgen dat bij hen past en waar zij talenten en vaardigheden zoals creativiteit, inlevingsvermogen en samenwerking kunnen ontwikkelen. Ook de diverse perspectieven en ervaringen van identiteit, marginalisatie en geschiedenis in Nederland moeten onderdeel zijn van het lesprogramma. BIJ1 vindt het belangrijk om kinderen en jongeren te betrekken bij hedendaagse maatschappelijke vraagstukken en burgerschap. Maatschappijleer wordt een verplicht vak gedurende het hele VO. Ook buiten het mbo wordt burgerschapsonderwijs verplicht gesteld. Digitale middelen worden ingezet voor (verbetering van) het lesprogramma en om kansenongelijkheid tegen te gaan. En om laaggeletterdheid tegen te gaan - dat vaak op een jonge leeftijd ontstaat - moet de toegang tot openbare bibliotheken voor leerlingen gestimuleerd worden.

De onderwijsinstellingen willen we versterken om ze meer mogelijkheden te geven voor het begeleiden van leerlingen en studenten. Het mbo moet meer waardering krijgen. In het hoger onderwijs (hbo en universiteiten) moet meer diversiteit en democratie komen. We willen samenwerking tussen onderwijsinstellingen stimuleren in plaats van concurrentie. Onderwijsinstellingen moeten ook zorgen dat leerlingen of studenten op het juiste niveau kunnen instromen. Dat niveau mag niet op te jonge leeftijd bepaald worden en onderadvisering moet worden tegengegaan. Als een leerling of student wil overstappen of doorstromen naar een andere soort onderwijs, moet dat soepel verlopen.

Er moet weer waardering komen voor wie in het onderwijs werkt. Het lerarentekort willen we oplossen. Wetenschappers moeten goed onderzoek kunnen doen en leraren moeten goed kunnen lesgeven. Hun werkdruk moet omlaag en hun salaris moet omhoog.

BIJ1 heeft volgende oplossingen voor om inclusief, toegankelijk en kwalitatief hoogwaardig onderwijs.

  1. We gaan op zoek naar alternatieven voor de momenten waarop een leerling geselecteerd en getoetst wordt als het gaat om het niveau van het voortgezet onderwijs. Scholen met brede brugklassen worden gestimuleerd - op voorwaarde dat er binnen die brugklassen genoeg mogelijkheden zijn om verschillende manieren van leren te ondersteunen.
  2. Advies voor vervolgonderwijs wordt gebaseerd op de overeenkomst tussen 3 partijen: leraar, ouder(s)/verzorger(s) en leerling.
  3. Alle leraren in Nederland krijgen trainingen over het geven van een schooladvies op de juiste manier en het creëren van bewustwording van onderadvisering.
  4. Er komen meer middelen voor scholen om kennis te delen met andere scholen over het creëren van gelijke kansen.
  5. Scholen moeten volledig toegankelijk worden voor leerlingen met een beperking. Er worden initiatieven ingevoerd door het hele land waarbij leerlingen met een beperking deel uitmaken van het regulier onderwijs. Er wordt extra budget vrijgemaakt voor leraren voor ondersteuning van de leerlingen met een beperking.
  6. We zorgen voor meer toegankelijke mogelijkheden om mensen die laaggeletterd bij te staan en ondersteunen waar nodig.
  7. Brede scholengemeenschappen met verschillende schoolsoorten (vmbo, havo, vwo) en initiatieven om deze te starten worden gestimuleerd. Op de lange termijn werken we toe naar het afschaffen van een individuele indeling en collectieve segregatie op niveau.
  8. Diploma’s in het voortgezet onderwijs moeten gestapeld kunnen worden zonder aanvullende eisen.
  9. De voorschool wordt gratis voor alle kinderen.
  10. De vrijwillige ouderbijdrage in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs wordt afgeschaft.
  11. Toegang tot bijles moet niet afhankelijk zijn van de economische positie van de ouders. Er zou gratis bijles aangeboden kunnen moeten worden aan kinderen wiens ouders beneden een bepaalde inkomensgrens zitten.
  12. Bibliotheken krijgen meer ondersteuning bij het aanpakken van laaggeletterdheid onder kinderen en jongeren. Er moet makkelijke toegang zijn voor ieder burger tot een openbare bibliotheek.
  13. Bedrijven die discrimineren in hun selectie voor stagiairs worden beboet en uitgesloten van overheidsopdrachten en subsidies.
  14. De manier van inschrijven wordt zo ingericht, dat scholen voor iedereen toegankelijk zijn. Er komt een einde aan het postcodebeleid en zeer vroegtijdige inschrijving als selectiemiddel door scholen.
  1. Scholen krijgen een wettelijke taak om interculturele kennis tussen leerlingen te bevorderen en te organiseren.
  2. De overheid stimuleert een divers perspectief in het curriculum en lesmateriaal dat vrij is van schadelijke stereotyperingen en eurocentrisme.
  3. De koloniale geschiedenis en het migratieverleden van Nederland krijgen een centrale plek in het lesprogramma, met daarnaast de achtergrond en politiek-economische context van vluchtelingen en (arbeids)migranten. Ook komt er meer aandacht voor de gevolgen van deze geschiedenis voor de volgende generaties, die in Nederland geboren worden.
  4. Er komen trainingen voor leraren over het historisch besef van de koloniale geschiedenis en het migratieverleden van Nederlanders.
  5. Er komt ruimschoots en kwalitatief hoogstaande aandacht in het curriculum voor seksualiteit, consent en diversiteit op het gebied van gender en seksuele geaardheid.
  6. Er komen trainingen om leraren bewust te maken van hun (onbewuste) vooroordelen, houding en verwachtingspatronen en er worden protocollen ontwikkeld om racisme, seksisme en discriminatie op grond van seksuele geaardheid te bestrijden.
  7. Er komt een garantie dat alle leerlingen toegang hebben tot laptops en WiFi hotspots voor thuis. Elke school krijgt hiervoor een aangewezen budget.
  8. De overheid gaat scholen ontmoedigen samen te werken met platforms van bedrijven die surveillance als bedrijfsmodel hebben, om de privacy van leerlingen te beschermen.

De arbeidsvoorwaarden van leraren worden verbeterd, zowel met betrekking tot het loon als tot de werkdruk.

  1. De loonkloof tussen het basisonderwijs en voortgezet onderwijs wordt gedicht, zodat alle leraren hetzelfde gaan verdienen.
  2. De klassen worden kleiner en de administratieve lasten worden verlicht, om de werkdruk te verminderen en om meer voorbereidingstijd te creëren.
  3. Pabo's moeten meer aandacht besteden aan de werkdruk in het onderwijsveld (veroorzaakt door samenleving, schoolbestuur en ouders) en hoe daarmee om moet worden gegaan.
  1. Het collegegeld wordt afgeschaft: middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs worden gratis. De basisbeurs wordt opnieuw ingevoerd en wordt inkomensafhankelijk, gebaseerd op het inkomen van de ouders/verzorgers en dat van de student zelf.
  2. De schakelprogramma’s voor studenten tussen het mbo en hbo worden verbeterd.
  3. We werken aan toegankelijk onderwijs​ door het recht op thuisstudie vast te leggen. Ook komt er meer (onafhankelijke) ondersteuning zodat mensen met een beperking beter naar eigen wensen kunnen studeren, bijvoorbeeld door het faciliteren van online colleges.
  4. Het mbo wordt versterkt en verbreed: leraren krijgen meer ruimte om door te groeien binnen hun functie, de overheid gaat samenwerken met het bedrijfsleven om meer stageplaatsen te bewerkstelligen, en er komen meer kleinschalige vakscholen.
  5. De toegang tot het beroepsonderwijs en het wetenschappelijk onderwijs wordt vergemakkelijkt, bijvoorbeeld door drempels voor werkende mensen weg te nemen. Opties om de opleiding in deeltijd te kunnen volgen worden verplicht, leeftijdsgrenzen worden verboden.
  6. Het geldbedrag dat onderwijsinstellingen ontvangen hangt niet langer af van het percentage afgestudeerden.
  7. Op elke vorm van beroeps- en hoger onderwijs komt er een schoolpsycholoog waar studenten die met mentale problematiek te maken hebben terecht kunnen.
  1. De doelmatigheidskorting op het wetenschappelijk onderwijs wordt afgeschaft.
  2. De overheidsbijdrage aan het wetenschappelijk onderwijs krijgt een extra investering van 1.15 miljard euro per jaar.
  3. Er is een oligopolie op publicaties in de academische wereld, waarbij drie grote publicatiebedrijven een groot deel van tijdschriften en publicatiekanalen voor academische publicaties bezitten. Dit kost de universiteitsbibliotheken de helft van hun budget. De overheid gaat deze oligopolie tegen door te investeren in open access publiceren, door middel van digitale infrastructuur en internationale lobby.
  4. De overheid gaat zich inzetten om de invloed van de fossiele industrie op het onderwijs te stoppen, met name in het curriculum.
  5. Elke instelling krijgt een diversiteitscommissie en er komen diversiteitsquota in alle onderwijs- en bestuurslagen in het hoger onderwijs..
  6. Besturen en raden van toezicht worden democratisch verkozen.
Uitklappen
aan het laden

Terug naar de inhoudsopgave

07 Kunst, cultuur en media

BIJ1-kleurenbalk