10. Klimaatrechtvaardigheid

🎧 Luister naar dit hoofdstuk ingesproken door kandidaat Michantely de Jong

De klimaatcrisis is één van de grootste vraagstukken van onze tijd. Ecosystemen en biodiversiteit worden op grote schaal vernietigd door het systeem van marktwerking met economische groei als belangrijkste doel. Wij als mensen maken ook deel uit van deze ecosystemen; ook onze leefomgeving staat onder druk van extreme veranderingen als gevolg van deze crisis. Ook de luchtkwaliteit in Nederland is erg zorgelijk vanwege de hoge uitstoot van landbouw, industrie en verkeer.

Het is onze verantwoordelijkheid om een rechtvaardige oplossing te vinden. Zo’n oplossing heeft hoe dan ook drastische gevolgen voor het winst-denken van overheden en grote bedrijven. Internationale rechtvaardigheid en solidariteit zijn absoluut noodzakelijk voor een oplossing. Landen die economisch worden uitgebuit ondervinden als eerste de gevolgen van deze crisis, zoals zij helaas vaker het eerste slachtoffer zijn van internationale noodsituaties. Klimaatrechtvaardigheid bestaat niet zonder het bestrijden van dergelijk klimaatracisme (15).

De enige mogelijkheid om tot een oplossing te komen, is radicale systeemverandering. We zullen onze manier van productie moeten herzien om te komen tot een groene, circulaire en duurzame samenleving. Veel tijd om het tij te keren is er niet meer. Wij moeten snel, daadkrachtig en rechtvaardig ingrijpen. Binnen Nederland willen we maatregelen nemen op het gebied van beleid, energie, uitstoot, landbouw, natuur en omgeving. In internationale samenwerking willen we sturen op het gebied van industrie, handel en lobby’s. Daarbij hebben we de volgende kernpunten voor ogen.

  1. De Nederlandse overheid roept per direct de klimaatcrisis uit. De urgentie van deze crisis moet officieel erkend worden, zodat hiernaar gehandeld kan worden.
  2. Alle overheidsbeleid moet worden getoetst op duurzaamheid en impact op klimaat en milieu, ook met terugwerkende kracht.
  3. De Nederlandse uitstoot van broeikasgassen is in 2025 minstens 75% lager t.o.v. 1990 en staat in 2030 op 0. Deze doelen worden wettelijk vastgelegd en zijn bindend.
  4. We organiseren een pilot voor een (door loting samengesteld) burgerforum, met als doel dit uiteindelijk in te zetten bij besluitvorming over onder andere klimaat- en ecologische rechtvaardigheid.
  5. Er komen geen nieuwe vergunningen voor olie- en gasvelden, op land en op zee. Er komt een snel en daadkrachtig afbouwplan voor de huidige olie- en gasproductie waarbij rechtvaardige oplossingen voor de werknemers voorop staan.
  6. De gaskraan in Groningen gaat volledig dicht. De overheid erkent haar aandeel en alle gedupeerden worden direct volledig en eerlijk gecompenseerd. De overheid eist deze compensatie vervolgens zelf op bij de verantwoordelijke bedrijven.
  7. Subsidies op (de productie van) fossiele brandstoffen en financiële steun aan de fossiele industrie wordt zo snel mogelijk, maar uiterlijk per 2022 beëindigd. Subsidies voor biomassacentrales worden per direct stopgezet.
  8. Er wordt fors geïnvesteerd in (nieuwe) duurzame energie-alternatieven, zodat alle kolencentrales zo snel mogelijk kunnen worden gesloten.
  9. Het budget voor het warmtefonds wordt verhoogd. Hierbij wordt rekening gehouden met inkomenspositie, zodat mensen met lagere inkomens niet de rekening gepresenteerd krijgen voor de energietransitie.
  10. In 2030 is 75% van de woningvoorraad hoogwaardig geïsoleerd. Gemeenten, woningcorporaties en woningverhuurders krijgen daarvoor middelen en bindende doelen voorgeschreven vanuit de overheid.

  1. Het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) wordt een bereikbaarheidsfonds met als doel niet alleen het financieren van beter openbaar vervoer, maar ook (lokale) voorzieningen voor fietsen en deelvervoer. Er wordt een bereikbaarheidsnorm vastgesteld waaraan alle financieringsplannen worden getoetst. Deze norm bepaalt de maximale geografische afstand tussen burgers en openbaar vervoer.
  2. OV-bedrijven worden genationaliseerd en het openbaar vervoer wordt gratis.
  3. Het openbaar vervoer is in 2030 volledig elektrisch.
  4. We zetten ons op Europees niveau in om zo snel mogelijk op duurzame wijze een Europees spoornetwerk te realiseren. Vluchten binnen Europa kunnen op deze manier worden uitgefaseerd.
  5. Schiphol mag niet verder uitbreiden. Ook de plannen voor Lelystad Airport worden stopgezet. Vluchten binnen het Koninkrijk (en Suriname) moeten ook bij een eventuele prijsstijging als gevolg van maatregelen om luchtverkeer te reduceren betaalbaar blijven.
  6. We gaan BTW en accijns heffen op kerosine. Lagere belastingen voor de luchtvaart zijn niet van deze tijd.
  7. We stoppen met snelwegverbredingen en leggen alleen nog nieuwe wegen aan als deze de bereikbaarheidsnorm bevorderen en niet ten koste gaan van natuurgebieden.
  8. Biodiversiteit wordt prioriteit. Maaibeleid wordt aangepast om natuur de ruimte te geven en er wordt plaats gemaakt voor meer (kleine) ecosystemen in parken en natuurgebieden.
  9. Alle natuurgebieden komen onder verantwoordelijkheid van de provincie. Zij krijgen doelstellingen op (o.a.) het gebied van biodiversiteit en wildstand.
  10. Er komt een nationaal bomenplan om het aantal bomen in Nederland binnen afzienbare tijd fors uit te breiden en uiteindelijk te verdubbelen.
  11. Het mestbeleid van intensieve veeteelt wordt veel strenger om de vervuiling van omringende natuurgebieden en grondwater tegen te gaan. Onze standpunten op het gebied van landbouw worden nader toegelicht in het hoofdstuk Landbouw en Visserij.
  12. Er komt een landelijk vuurwerkverbod voor particulieren. Vuurwerkshows of lichtshows kunnen door gemeenten worden georganiseerd op centrale plekken. Verder mag nergens vuurwerk worden afgestoken.
  1. Nederland zet zich in voor een forse herziening van het Europees landbouwbeleid, waarbij alleen nog subsidies worden verstrekt aan kringlooplandbouw.
  2. Nederland stemt niet in met en trekt zich terug uit verdragen als deze claimrecht bevatten, tot landbouwintensivering leiden, voor toename van uitstoot zorgen, of ontbossing versnellen. Voorbeelden van dit soort verdragen zijn CETA, EU-Mercosur en TTIP.
  3. Nederland zet zich in voor een grootschalige samenwerking binnen de VN als het aankomt op de gezamenlijke bestrijding van de klimaatcrisis.
  4. Er komt een algeheel verbod op de import, handel en doorvoer van ontbossingsproducten.
  5. Diplomatieke steun aan projecten die te maken hebben met (het produceren van) fossiele brandstoffen wordt beëindigd. Bedrijven die grotendeels investeren in fossiele brandstoffen worden uitgesloten van handelsmissies.
  6. De financiering van ontbossing, landroof en productie van fossiele brandstoffen wordt voor zowel private als publieke financiële instellingen onmogelijk.
  7. Er komt meer transparantie over lobbyactiviteiten van fossiele en vervuilende industrieën via een openbaar gepubliceerd lobbyregister. Dit register biedt informatie over welke organisaties lobbyisten in dienst hebben, waarvoor die lobbyen, en de financiële middelen die zij hier jaarlijks voor inzetten.
  8. Bedrijven verantwoordelijk voor het aanrichten van klimaatschade en humanitaire rampen, worden verantwoordelijk gehouden voor misdaden tegen mens en natuur.
  9. Er komt een reclameverbod voor de fossiele industrie.
Uitklappen
aan het laden

Terug naar de inhoudsopgave

11 Dierenrechten- en welzijn

BIJ1-kleurenbalk