18. BES-eilanden en Koninkrijk

🎧 Luister naar dit hoofdstuk ingesproken door kandidaat Quinsy Gario

Bonaire, St. Eustatius en Saba (de BES-eilanden) en Aruba, Curaçao en St. Maarten zijn officieel sinds 1954 geen koloniën van Nederland meer en worden sinds 1975 niet meer zo genoemd in officiële overheidsdocumenten. Toch heeft de relatie tussen Nederland en de overzeese eilanden van het Koninkrijk nog steeds een koloniaal karakter. De Nederlandse staat heeft zich immers verrijkt door de koloniale relaties, en de politiek (van links tot rechts) doet tot nu toe weinig om deze relatie te veranderen.

BIJ1 pleit voor een einde van de ongelijkwaardige relatie tussen de besturen en bewoners van de eilanden en die van Nederland. BIJ1 staat voor zeggenschap en zelfbeschikkingsrecht voor inwoners: niet Nederland beslist, maar mensen op de eilanden zelf. BIJ1 strijdt tegen de structuren die de eilanden beperken om zelf beslissingen te nemen en vóór een nieuwe verstandhouding tussen Nederland en de eilanden. De nieuwe relatie moet worden gebaseerd op antikolonialisme en op het herstel van koloniale schade. Om dit te kunnen bewerkstelligen stellen wij de volgende beleidsveranderingen voor.

  1. St. Eustatius, Bonaire en Saba worden verlost van de grip van politiek en ambtelijk Den Haag. De lokale bevolking beslist weer over de eilanden en niet de ondemocratisch gekozen ambtenaren van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Er wordt geen beleid voor de eilanden bedacht door mensen die er niet vandaan komen of zelf wonen.
  2. De rijksministerraad, waarin zeventien Nederlandse ministers en slechts drie gevolmachtigde ministers van Aruba, Curaçao en St. Maarten plaats hebben, wordt afgeschaft. Deze oneerlijke representatie wordt vervangen door een nieuwe constructie voor Koninkrijk-breed overleg. Per Koninkrijk-breed dossier komen de belanghebbende ministers van alle landen bijeen voor overleg en hebben ze een gelijke stem.
  3. Er komen excuses voor koloniale exploitatie en uitbuiting, de slavenhandel en slavernij en de daaropvolgende periode van ongelijkwaardige inkomsten, bestuur en behandeling. Deze excuses zijn gekoppeld aan de afschaffing van de infrastructuur die het koloniale gedachtegoed en witte superioriteitsdenken voortzet in het beleid van de Nederlandse staat ten opzichte van het Koninkrijk en de rest van de wereld.
  4. Alle landen binnen het Koninkrijk behouden hun interne autonomie voor het invullen van hun samenlevingen. Nederland zal niet meer vanuit Europa dicteren hoe de eilanden bestuurd moeten worden.
  5. Bij onderlinge geschillen binnen het Koninkrijk zal er een geschillencommissie opgesteld worden waarin op gelijke schaal onafhankelijke expertise wordt opgenomen uit het Caribisch gebied, Zuid Amerika en Europa. Nederlandse ambtenaren of voormalige overheidsfunctionarissen worden niet langer gezien als onafhankelijk van de Nederlandse staat.
  6. De autonomie binnen de overzeese landen van het Koninkrijk wordt verder uitgebouwd en ontwikkeld door de parlementen het recht te geven om wetsvoorstellen voor rijkswetten die hen aangaan in te dienen.
  1. Er komt een parlementaire enquête die in kaart brengt wat de omvang is van de zelfverrijking van Nederland ten koste van de eilanden tijdens de koloniale periode. De conclusies van dit onderzoek zullen onderdeel worden van lespakketten in alle lagen van het onderwijs.
  2. De bevolking op de eilanden bepaalt zelf de definitie van ‘herstelbetalingen’ en ‘gerechtigheid’ voor wat hen door de eeuwen heen is aangedaan. Dit houdt in dat ‘herstelbetalingen’ zoals genoemd ook wat anders kan inhouden dan alleen geld.
  3. De Nederlandse staat betaalt herstelbetalingen aan de eilanden voor de gemiste inkomsten door financiële beleidsconstructies van vóór 1954.
  4. Nederland betaalt herstelbetalingen voor de ecologische afbraak van de gebieden door koloniale uitbuiting.
  1. Nederland betaalt herstelbetalingen voor de achtergestelde ontwikkeling van de onderwijssystemen op de eilanden. Bij het ontwikkelen van het onderwijs krijgen de eilanden de ruimte om ook Caribische en Zuid-Amerikaanse perspectieven op het onderwijs mee te nemen. Nederland is niet vanzelfsprekend meer het ankerpunt voor de onderwijssystemen op deze eilanden.
  2. Academische kennisuitwisseling binnen het Koninkrijk wordt gestimuleerd.
  3. Het vrije verkeer van personen binnen het Koninkrijk blijft bestaan. Studenten die vanaf de eilanden komen voor hun vervolgonderwijs in Nederland krijgen structurele ondersteuning vanuit de gemeenten waar zij gaan wonen. Eenmaal in Nederland hebben wij de plicht om voor elke student te zorgen.
  4. Toekomstige studenten zullen, net als Nederlandse studenten, geen lening af hoeven te sluiten om in Nederland of op de eilanden te studeren. Er zullen geen studenten aan hun loopbaan beginnen met een schuld.
Uitklappen
aan het laden

Terug naar de inhoudsopgave

19 Defensie

BIJ1-kleurenbalk