Een bonte verzameling smeden

Rogier Boers werd op school gepest. Pesten is stom. De oplossing ligt volgens hem in het BIJ1 brengen van mensen.

Op school werd ik gepest. Ik was de jongste jongen van de klas, maar wel de sterkste. Daarom werd ik niet fysiek aangepakt. De paar kinderen die dat wel probeerden, kregen daar snel spijt van. Ik was ook het slimste jongetje van de klas - en gevoelig. Bovendien had ik niet zo goed geleerd voor mijzelf op te komen, dus ik ging vaak gebukt onder verbale treiterijen en uitsluiting.

Op school was er geen fysiek geweld tegen mij, maar op de lokale waterpolovereniging wel. Daar waren twee oudere jongens die in alle opzichten leken op de bullies die je in tekenfilms zag. Het gebeurde wel eens dat zij mij in de kleedkamer van het zwembad sloegen en tegen de muur platdrukten. Nooit alleen, want ondanks hun grotere lichamen waren deze kinkels op hun hoede.

De verhoudingen onder kinderen

Terugkijkend op die periode ben ik vooral teleurgesteld in de volwassenen. Zij lieten het gebeuren. Een mentor van mij maakte zich er zo van af: “Rogier, je wordt al zo lang gepest, dan zal dat echt wel aan jezelf liggen.” Sommige volwassenen toonden zich meewarig, anderen keken angstig weg. Want geen van de leraren, mentoren en trainers heeft geprobeerd het probleem te zien voor wat het was: een probleem van de hele groep. Zo bleef het een zaak tussen een individuele gekrenkte jongen en één of twee gemeneriken. De rest van de kinderen? Tja, die deden een beetje mee en moesten er dommig om lachen. Want zo zijn kinderen nu eenmaal. Toch?

Terugkijkend ben ik vooral teleurgesteld in de volwassenen.

De pestkoppen waren zelf eigenlijk ook allemaal kinderen die niet zo lekker in de groep lagen. Het waren ook sociaal onhandige en daarmee kwetsbare jongetjes en meisjes, maar hun onhandigheid uitte zich in agressie. En die agressie was natuurlijk gericht tegen de andere kwetsbaren. Zij voelden dat er een disbalans was in de verhoudingen in de klas en op de sportvereniging. Zij voelden dat de sociale cohesie in de groep laag was. Dat gaf hun de ruimte om ten koste van mij en andere gepeste kinderen zich wat macht toe te eigenen.

Oplossingen voor de groep, niet alleen de pester

Als een pester dan eindelijk eens werd aangepakt, werd die alleen op zijn gedrag aangesproken. Nooit kwam de cultuur van de klas ter sprake. Nooit werd een poging gedaan een groep te smeden uit de bonte verzameling kinderen. Nooit werd geprobeerd de pester te leren hoe die zijn misnoegen kan kanaliseren. Begrijp mij niet verkeerd, ik wil echt niet dat die gastjes een aai over de bol kregen of dat hun wreedheden met de welbekende mantel der liefde bedekt werden. Wat op kleine schaal in een klas gebeurt, speelt ook op grotere schaal. Dat zagen we afgelopen weekeinde in Arnhem. Twee jongens die hand in hand liepen werden door een groep jongeren vreselijk mishandeld. Hoogstwaarschijnlijk waren de daders “Marokkanen”. En ik zie precies de zelfde reacties als die de volwassenen destijds in mijn omgeving hadden: een fikse afwijzing van de daders. En dat straalt af op de hele groep waar zij uit voortkomen.

Ik moet denken aan Bronski Beat uit de jaren tachtig. Ja, in die tijd hoorden we regelmatig dat homohaters in de witte volksbuurten aan het potenrammen waren. Daar speelde heus geen religieuze ideologie. Het was een groep die niet geleerd had op een constructieve manier uiting te geven aan frustraties. Er werd op hen neergekeken, ze hadden weinig hoop op een mooie carrière. En als zij de media haalden, was dat altijd negatief. Ik zie de gelijkenissen met jongeren van Marokkaanse komaf wel.

Het domweg veroordelen zal geen oplossing zijn. Het plakken van labels en het tot probleem maken van groepen evenmin. Ik geloof niet dat er ooit een pestkop bekeerd raakte door een belerende preek. Wat dan wel? Je kunt heel goed opbouwend en toch hard optreden. Dat begint hiermee: onderkennen dat er een disbalans is in de maatschappij. Geef toe dat de machtsverhoudingen in onze samenleving problematisch misvormd zijn. Door de ander te erkennen en te zien, kan je hem leren zijn frustraties te uiten.

Ik wil het niet laten gebeuren dat ik als een klasgenootje van vroeger er schaapachtig lachend bij sta. Maar ik wil zeker ook niet als mijn leraren een fikse veroordeling spuwen en tegelijkertijd blind zijn voor de oorzaak van dit verschrikkelijke gedrag. Ik wil dat de achterliggende structuren vernietigd worden. Ik wil een gezamenlijke toekomst voor de hele bonte verzameling.

door BIJ1 lid Rogier Boers

BIJ1-kleurenbalk